Op 16 april 1944 werden van hier 486 jongemannen door de bezetter
weggevoerd van wie velen nooit zijn teruggekeerd.

Vorige persoon (W.J. Barendswaard) | Terug naar de lijst | Volgende persoon (L. Bax)

Naam:Cor Bart
Voornamen: Cornelis Hermanus
Geboren:Zondag 22 Februari 1925 te Wijk aan Zee en Duin
Adres:Arendsweg 75
Woonplaats:Beverwijk
 
Foto's:
Cor Bart gefotografeerd in werkkleding in het begin van de oorlog
Anmeldung Lippendorf 48
Cor Bart sterbe Urkunde
Brief van Koningin Wilhelmina aan de familie Bart
Herbegraven van 5 Beverwijkers op 4 november 1949
Cor Bart gefotografeerd als Coenraad in 1943
Cor Bart Bidprentje zonder foto
Cor Bart Bidprentje met foto
Cor Bart voormalige grafsteen. Reden vervanging niet duidelijk
Rouwcirculaire van Cor Bart
Arendsweg 75 Beverwijk. Het huis waaruit Cor bij de Razzia meegenomen is.
Mededelingenblad met op zondag 1 juli misintentie voor de teruggekeerde jongens en woensdag 4 juli voor Cor Bart. Zijn broer Henk Bart trouwt die dag met Marie Leuring.
Noordhollands dagblad 5 mei 1986. Piet en Tiny Bart bij het Razzia monument op het Stationsplein
 
Opgepakt bij de Razzia in Beverwijk en Velsen-Noord van 16 april 1944 in de Arendsweg 75, Beverwijk.
 
Op Zondagmiddag 16 april 1944 rond 13:00 per trein afgevoerd naar het PDA in Amersfoort (Meer Informatie...)
 
In het PDA werden alle persoonsgegevens genoteerd waaronder het beroep van de gevangene.
Beroep:Schumacher
Gevangenenr:651
 
Tussen 16 april 1944 en 11 augustus 1944 werden ongeveer 160 gegijzelden vrijgelaten.
Cor Bart is NIET vrijgelaten
 
Op 7 juli 1944 's-morgens om 02:30 uur werden de gevangenen afgemarcheerd naar het station in Amersfoort om per trein naar Duitsland vervoerd te worden.
 
Kampen in duitsland:
Plaats, kamp: Schkopau, Schkopau (Meer informatie...)
Plaats, kamp: Lippendorf, De Kippe (Meer informatie...)
Plaats, kamp: Peres, Alpenrose (Meer informatie...)
 
Werkplekken in duitsland:
Plaats, plek: Böhlen / Lippendorf, BRABAG en de A.S.W. (Meer informatie...)
 
Overleden: Vrijdag 8 December 1944 te Borna
Begraven: te Pulgar Friedhof
Herbegraven: Vrijdag 4 November 1949 te Beverwijk, OLV van Goede Raad
 
Persoonlijk verhaal:
 
Herbegraven op het kerkhof van de Onze Lieve Vrouw van Goede Raad Arendsweg 59. Rij J nummer 2.

Sinds de zomer van 1943 was Cor gedwongen tewerk gesteld. Hij werd ingezet in Venraai, Rolde en in de Noordoost polder. In februari 1944 kreeg Cor verlof om naar Beverwijk terug te gaan om te helpen in de schoenmakerij in verband met de ziekte van zijn broer. Op zondagmorgen 16 april 1944 zag Cor dan ook géén reden om zich voor de Razzia te verstoppen. Hij had een verlofpas en zou spoedig weer terug gaan naar de Noordoost polder. Tot zijn en z’n ouders verbazing werd hij toch meegenomen met de bekende gevolgen.

De Razzia en de gevolgen.
Als reactie op het doodschieten door het verzet van een drietal N.S.B.’ers op 6, 13 en 14 april 1944 besloot de Duitse bezettingsmacht een Razzia te houden in Beverwijk en Velsen-Noord met als doel 500 jonge mannen in de leeftijd van 18 jaar tot en met 25 jaar te gijzelen in kamp Amersfoort totdat de dader van deze moorden zich gemeld had.

Op Zondagmorgen 16 april 1944 trok een groot aantal Duitse soldaten Beverwijk en Velsen-Noord in en sloot systematisch straten af. Men ging van huis tot huis om jongens op te pakken. Met harde hand werden de jongens verzameld in de bioscoop “de Pont” in het voormalige hotel de Prins bij de pont in Velsen-Noord. Om 13:00 uur werden ze afgemarcheerd naar het station in Beverwijk in rijen van 5 gevangenen met links en rechts bij iedere rij een Duitse soldaat. Met veewagens werden ze vervoerd naar Amersfoort waar ze in de namiddag aan zijn gekomen. Daar afgemarcheerd op dezelfde wijze als in Beverwijk naar het Polizeiliches Durchgang Lager Amersfoort.

Jaap Epskamp was het slapie van Cor Bart en Arie Meijdam in het PDA Amersfoort.
Er stonden 3 bedden midden in de gang. Cor Bart lag in het bovenste bed, Jaap Epskamp in het middelste bed en Arie Meijdam uit Vianen in het onderste bed.

In dit kamp hadden ze de status van gijzelaar. Nadat Jan Bonenkamp in juni 1944 in Zaandam opgepakt was werden ze niet vrijgelaten maar behandeld als gevangenen. Tussen 16 april 1944 en 11 augustus 1944 zijn ongeveer 155 jongens vrijgelaten.

Op 28 juni 1944 werden de gevangenen o.a. uit de Merwede, Groningen en Beverwijk geselecteerd voor transport naar Duitsland. Dat transport vond plaats in de nacht van 6 op 7 juli 1944. Enkele dagen voor deze transportdatum werden de gevangenen alsnog kaalgeknipt.

Op 7 Juli om 02:30 stonden ongeveer 650 gevangenen in rijen van 4 aangetreden voor transport op de appelplaats. Om 04:30 vertrok de trein van station Amersfoort richting Duitsland. In Hengelo werd gestopt. Van Hengelo via Bentheim, Braunschweig (waar ongeveer 200 gevangenen achterbleven namelijk degene met achternamen van S t/m Z), via Halle naar Schkopau.

Daarna door naar het kamp “De Kippe” bij Böhlen (onder Leipzig). Dit was een tijdelijke verblijfplaats waarbij de gevangenen in bordkartonnen tenten op stro sliepen. Het kamp was gevestigd op een stortplaats van de Bruinkoolmijn. Bij regen liepen een aantal plekkin in dit kamp vol water zodanig dat men soms tot aan de buik door het water moest waden. In dit kamp verbleven de dwangarbeiders van juli 1944 tot november. Het werk bestond uit het lossen van wagons met puin uit de gebombardeerde steden.
De gevangen moesten zelf een onderkomen bouwen in Peres, een aantal kilometers zuidelijker waar ze in december naartoe zijn gegaan. Het dorpje Peres inclusief de barakken van kamp “Alpenrose” is rond 1983 verdwenen door de bruinkoolafgraving.
Van de 650 gevangenen die op 7 juli op transport gingen zijn meer dan 150 gevangenen aan ziekte, ondervoeding en mishandeling overleden.

Vorige persoon (W.J. Barendswaard) | Terug naar de lijst | Volgende persoon (L. Bax)